Naar de inhoud
Cedrus Trading

Duurzaamheid en regels

Groen gas en de bijmengverplichting

Een wetsvoorstel wil gasleveranciers verplichten om met groen gas elk jaar een vastgestelde CO₂-reductie te realiseren, oplopend tot 2031. De kosten komen naar verwachting bij afnemers terecht; de startdatum en de hoogte van die kosten staan nog niet vast.

Wat groen gas is

Groen gas komt uit hernieuwbare bronnen, maar bestaat net als aardgas grotendeels uit methaan. Door die gelijke samenstelling kunnen het gasnet en bestaande gasinstallaties het zonder aanpassing verwerken. Eenmaal ingevoed is het niet meer van aardgas te onderscheiden.

De memorie van toelichting bij het wetsvoorstel onderscheidt twee soorten. Biomethaan wordt gemaakt uit biogrondstoffen, vooral reststromen uit landbouw en voedingsindustrie. E-methaan ontstaat uit CO₂ en duurzaam geproduceerde waterstof. Nederland produceert volgens die toelichting ongeveer 0,3 miljard m³ groen gas per jaar.

Van reststroom tot gasnet

Grondstoffen zijn onder meer dierlijke mest, stro en maaisel, restproducten uit de voedingsindustrie, gft-afval en zuiveringsslib. RVO noemt vergisting de meest gebruikte techniek: micro-organismen breken de biomassa af zonder zuurstof, waarbij biogas ontstaat dat vooral uit methaan en CO₂ bestaat. Vergassing zet droge biomassa bij hoge temperatuur om in synthesegas; die techniek is volgens RVO nog in ontwikkeling.

Een opwerkinstallatie zuivert het ruwe gas tot aardgaskwaliteit, waarna het in het gasnet wordt ingevoed. De netbeheerder meet de ingevoede hoeveelheid en meldt die maandelijks aan VertiCer, dat op basis daarvan Garanties van Oorsprong (GvO's) uitgeeft.

Het gas

  1. GrondstoffenMest, gft, slib en reststromen
  2. Vergisting of vergassingEr ontstaat biogas of synthesegas
  3. OpwerkingGezuiverd tot aardgaskwaliteit
  4. InvoedingHet gas gaat het gasnet in

De bewijzen

  1. Garantie van OorsprongUitgegeven door VertiCer
  2. Bewijs van duurzaamheidGetoetst aan de RED-criteria
  3. GGE-register van de NEaLeverancier boekt in en ontvangt GGE’s
  4. JaarverplichtingNEa schrijft de GGE’s af
Vereenvoudigd schema. Het gas volgt de fysieke route door het net. De bewijzen volgen een eigen, administratieve route van VertiCer naar het register van de NEa.

De verplichting voor gasleveranciers

Het wetsvoorstel Wet bijmengverplichting groen gas (Kamerstuk 36.947) voegt een nieuwe titel toe aan de Wet milieubeheer. Volgens die titel moeten energieleveranciers die gas leveren elk jaar een vastgestelde hoeveelheid broeikasgasuitstoot terugdringen door groen gas aan hun afnemers te leveren.

Netbeheerders, producenten en eindgebruikers vallen er niet onder. Elke leverancier draagt een deel naar rato van zijn marktaandeel in de gasleveringen die meetellen. Hij kan het groene gas zelf produceren of inkopen bij producenten.

De maatstaf is CO₂-ketenemissiereductie, kortweg ketenreductie, en niet het aantal kubieke meters. Die reductie is het verschil tussen de uitstoot over de hele keten van het groene gas en die van een fossiele referentiebrandstof, berekend volgens de Europese Richtlijn hernieuwbare energie (RED).

Mestvergisting scoort daarin hoog, omdat ook de vermeden methaanuitstoot uit mestopslag meetelt; voor dezelfde reductie zijn dan minder kubieke meters nodig. De regering noemt zelf een nadeel: ketenreductie wordt berekend en niet gemeten, en is daardoor lastiger te controleren.

Het groeipad van 2027 tot en met 2035

De verplichting is een vaste hoeveelheid per jaar; een zachte of strenge winter verandert het doel niet. De memorie van toelichting geeft dit indicatieve groeipad, uitgaande van een start in 2027:

JaarVerplichting (Mton ketenreductie)Groen gas, indicatief (miljard m³)
20270,630,16
20280,920,23
20291,330,35
20301,910,53
2031 t/m 20352,850,84

Een megaton (Mton) is een miljoen ton. De hoeveelheid groen gas is een schatting, omdat die afhangt van de grondstoffenmix. De hoeveelheid voor 2031 is volgens de regering drie keer de huidige Nederlandse productie. Het definitieve pad komt in een algemene maatregel van bestuur, die aanpassing bij onvoorziene ontwikkelingen toelaat.

Groengaseenheden en de rol van de NEa

Omdat groen gas in het net niet tot een afnemer te volgen is, loopt de naleving via certificaten. Een leverancier combineert een Garantie van Oorsprong met een bewijs van duurzaamheid voor dezelfde hoeveelheid gas, boekt beide in bij de NEa en ontvangt daarvoor groengaseenheden. Eén GGE staat voor 1 kilogram CO₂-equivalent ketenreductie.

De NEa schrapt de ingeboekte Garanties van Oorsprong, zodat hetzelfde groene gas niet twee keer meetelt. Alleen energieleveranciers kunnen GGE’s inboeken en onderling verhandelen. Het gas mag uit Nederland of een andere EU-lidstaat komen, mits het aan de duurzaamheidscriteria van de RED voldoet. Gas waarvoor een exploitatiesubsidie zoals SDE++ is ontvangen, telt niet mee.

Rekenvoorbeeld, fictieve waarden. Bedraagt de totale verplichting 1,0 Mton en levert een leverancier een twintigste deel van het gas dat meetelt, dan moet hij 0,05 Mton ketenreductie aantonen, ofwel 50 miljoen GGE’s.

De jaarlijkse afrekening

Bij een start in 2027 verloopt de afrekening over dat jaar volgens de memorie van toelichting als volgt:

  1. Vóór 30 april 2028 rapporteren leveranciers in hun emissieverslag hoeveel gas zij in 2027 leverden.
  2. Uiterlijk 1 juni 2028 deelt de NEa elke leverancier de hoogte van zijn verplichting mee.
  3. Uiterlijk 1 juli 2028 meldt de leverancier of hij de verplichting geheel of gedeeltelijk afkoopt.
  4. Op 1 augustus 2028 schrijft de NEa de benodigde GGE’s af.

Afkopen en sparen

In plaats van GGE’s in te leveren, kan een leverancier de verplichting geheel of gedeeltelijk afkopen tegen de buy-outprijs; de opbrengst gaat naar de schatkist. De memorie van toelichting noemt een voorlopige streefhoogte van € 450 per ton CO₂. Volgens de NEa is dat de prijs voor 2027, met daarna een jaarlijkse verhoging. De definitieve hoogte wordt in lagere regelgeving vastgelegd.

De buy-out werkt als plafond: de regering verwacht dat GGE’s bij schaarste hooguit tot die prijs stijgen. Een beperkt overschot aan GGE’s mag een leverancier sparen voor het volgende jaar.

Welke gasleveringen meetellen

De verplichting sluit aan bij ETS-2, het Europese emissiehandelssysteem voor brandstoffen in onder meer gebouwen en wegvervoer. Wat meetelt, is gas dat via het gasnet wordt geleverd voor verbranding in de ETS-2-sectoren, plus gas voor CNG-vulstations.

Volgens de NEa valt onder ETS-2 onder meer het brandstofverbruik in huishoudens, in commerciële en institutionele gebouwen en in de industrie. Gas voor installaties die al onder het bestaande systeem ETS-1 vallen, telt voor de bijmengverplichting niet mee. Op 25 april 2025 besloot de ministerraad de glastuinbouw via een zogenoemde opt-in onder ETS-2 te brengen.

Groen gas met een Garantie van Oorsprong en duurzaamheidsbewijs krijgt onder ETS-2 een emissiefactor nul. Volgens de memorie van toelichting kan een leverancier dezelfde levering voor beide systemen inzetten. Hoe ETS-2 in de gasprijs doorwerkt, leest u in ETS-2 en uw gasrekening.

Stand van het wetsvoorstel per 25 september 2026

Behandeling van wetsvoorstel 36.947

  1. 19 maart 2026Advies van de Raad van State.
  2. 21 mei 2026Indiening bij de Tweede Kamer.
  3. 3 september 2026Nota naar aanleiding van het verslag en een nota van wijziging, met vooral technische correcties.
  4. 7 september 2026Wetgevingsoverleg in de Tweede Kamer.
  5. 21 september 2026Tweede termijn van het wetgevingsoverleg, met gewijzigde en nieuwe amendementen en moties.

Een van de amendementen stelt voor de wet niet vóór 1 januari 2028 in werking te laten treden. Andere gaan onder meer over de buy-out, het groeipad en de vraag welke afnemers meetellen. Over het wetsvoorstel en de amendementen is nog niet gestemd. Na de Tweede Kamer behandelt de Eerste Kamer het voorstel.

De wet treedt in werking bij koninklijk besluit; de regering noemt 1 januari 2027 als voorgenomen datum. Groeipad, buy-outprijs en register worden in lagere regelgeving uitgewerkt. Tot die regelgeving is vastgesteld, kunnen deze onderdelen nog veranderen.

Het effect op de gasprijs

Leveranciers maken kosten voor groen gas, GGE’s of de buy-out. De regering gaat ervan uit dat zij die doorberekenen aan hun afnemers en verwacht geen andere directe gevolgen voor afnemers.

In de memorie van toelichting schat de regering de maximale meerkosten op 9 cent per m³ in 2031, met de buy-outprijs als bovengrens. Zij verwacht dat de werkelijke meerkosten lager uitvallen, onder meer omdat ook groen gas uit andere EU-lidstaten meetelt. De uiteindelijke hoogte hangt af van het aanbod van groen gas en de marktprijs van GGE’s.

Wij voorspellen die prijs niet. Hoe een leverancier de kosten verrekent, in de gasprijs of als aparte post, verschilt per leverancier en per contract.

Wat betekent dit voor uw organisatie

Als afnemer hoeft u in de regel zelf niets te registreren of af te dragen; de verplichting ligt bij de leverancier die uw gas levert. Let wel op het volgende:

  • Loopt uw gascontract door in 2027 of later, ga dan na hoe het contract kosten uit nieuwe regelgeving behandelt: verwerkt in de prijs of apart doorberekend, en vanaf welke datum.
  • Neem de verplichting op in uw meerjarenbegroting als post waarvan de hoogte nog niet vaststaat. De schatting uit de memorie van toelichting is een maximum, geen verwachte prijs.
  • Het groene gas dat uw leverancier voor de verplichting inzet, maakt uw gasverbruik niet vanzelf groen in uw CO₂-rapportage. De NEa schrapt de Garanties van Oorsprong van dat gas al voor de verplichting; een eigen claim vraagt om Garanties van Oorsprong die voor uw verbruik worden afgeboekt. Zie Garanties van Oorsprong.

Cedrus Trading levert stroom en gas aan zakelijke afnemers. Hoe de verplichting in uw gascontract doorwerkt, bespreekt u met een adviseur; u bereikt ons via de contactpagina. In de Cedrus Energy Manager controleert u facturen tegen de contractafspraken, zodat u ziet wanneer er een nieuwe post bijkomt.

Bronnen

Laatst bijgewerkt: